Praktijkstages

Stages nemen een belangrijk deel in van de opleiding. Theorie en praktijk vullen elk vijftig procent van de opleiding. Elke blokperiode en ieder semester bevatten een praktijkdeel, bestaande uit kortere of langere stages. Hoe lang de stages zijn en waar zij gelopen worden, is afhankelijk van de doelstelling.

Stage-ervaring doe je vooral op in de eerstelijns praktijk, maar ook in andere takken van het beroep, zoals in een ziekenhuis op de afdeling verloskunde en de couveuseafdeling, bij de kinderarts, op de gynaecologische polikliniek en de operatiekamer. Realiseer je dat je al meteen in het eerste jaar aan een stage begint!

Derdejaars student Margot van Dijk over stages in het eerste jaar:

‘Vanaf de derde week in de opleiding loop je al een dag per week mee op het spreekuur van een verloskundigenpraktijk. De eerste stage is vooral oriënterend: je kunt veel vragen stellen en observeren en misschien meet je zo nu en dan de bloeddruk van cliënten. Tijdens de herfstvakantie loop je als eerstejaars een hele week mee en de meeste studenten maken dan hun eerste bevalling mee. Helaas was ik die week ziek, daar baalde ik zo van! Maar in januari hadden we weer een hele week stage en toen beleefde ik dan mijn eerste bevalling als verloskundige in opleiding. Het was een hele heftige, die eindigde in het ziekenhuis. Superheftig, maar ontzettend mooi, ik stond met tranen in mijn ogen. Later heb ik wel meer ontspannen bevallingen meegemaakt, die helemaal volgens het boekje gingen. Van de negen bevallingen die ik tot nu heb meegemaakt, heb ik drie kindjes er zelf uitgehaald.’
‘De afwisseling tussen theorie en stage bevalt me goed, ik vind het alleen zwaar om tijdens stageperiodes ook nog een bijbaantje te hebben. Dat is bijna niet te doen, maar het is voor mij financieel vaak wel noodzakelijk.’